Dichten op zijde

Over hoe twee beroemde Chinese kunstenaars eeuwen geleden hun verlangens in stof uitdrukte

Een van de leukste kanten van textielarbeid is dat er zoveel stof in zit voor verhalen. En verhalen, zeker van het type: er was eens ergens ver weg…., zijn weer leuk omdat ze stimuleren tot nadenken over hoe het ook anders geweest had kunnen zijn, als er andere waarden en normen zouden heersen. Ik pak er hier twee, uit de vele die de Engelse cultuurjournalist Kassia St Clair aanhaalde in haar textiel-historisch boek De Gouden Draad. Allebei verhalen ze over het verlangen van vrouwen naar hun man.

Ontredderd

In de vierde eeuw was er in China een vrouw, Su hui geheten, die helemaal ontredderd was omdat haar man, een hoge ambtenaar, zich in een ver woestijngebied bevond en haar daar ook nog eens ontrouw was. Ze ging echter niet bij de pakken neerzitten maar zette haar verdriet en boosheid om in een gedicht op zijde, een eigen ontworpen palindroom van 29 maal 29 (= 841) keurig geborduurde karakters. Niet alleen kunnen Chinezen deze tekens omkeerbaar lezen, van bovenaan rechts naar beneden en andersom, ze kunnen ook in elke richting door de tekst dwalen: horizontaal, verticaal of diagonaal, waardoor het werk meer dan drieduizend mogelijke gedichten bevat. Su hui stuurde de geborduurde zijde naar haar man, Dou Tao, en volgens de overlevering was hij zo onder de indruk dat hij bij haar terug kwam.

Su hui en haar palindroom, geschilderd met inkt op zijde in – waarschijnlijk – de zeventiende eeuw (nu in Harvard Museum). In Europa werkt nu de Norwich University aan een vertaling van het gedicht van deze vrouwelijke dichter/borduurster.

Dan het verhaal van de twaalfde-eeuwse Chinese keizer Huizong (1082-1135), ook aangehaald in De Gouden Draad. Politiek werd deze keizer van de Song dynasty gezien als een loser, omdat hij zijn troon aan naburige Jurchen verloor. Maar zijn talenten als kunstenaar werden alom erkend. Hij speelde guqin, hij dichtte, kalligrafeerde en schilderde. Een van zijn mooiste schilderijen is het ‘Hofdames bezig met het voorbereiden van pasgeweven zijde’ dat hij kopieerde van Zhang Xuan, die het in de achtste eeuw schilderde.

Gekapte concubines

Te zien is hoe groepen schitterend geklede en gekapte keizerlijke concubines nieuw geweven zijde wassen, strijken en naaien, in een jaarlijks zijderitueel, gongkan geheten. Mogelijk dat de keizer/schilder met de taferelen zinspeelde op de erotische poëzie, waarin bijvoorbeeld het kloppen van doek vaak diende als eufemisme voor de vrouwelijke lust.

Kopie van ‘Hofdames bezig met het voorbereiden van pas geweven zijde’, inkt, kleurstoffen en goud op lange rol zijde (Museum of fine arts Boston).

St Clair schrijft dat de keizer, ‘via zijn zijden schildersdoek wilde laten zien dat deze prachtige, in zijde gehulde vrouwen hun onvervulde verlangen naar hem stilden door nog meer zijde te maken’, en daarbij haalt ze twee (mannelijke) auteurs aan. Maar dan denk ik toch: heeft hij dit verlangen inderdaad gehad of had hij, ten tijde van dit schilderij (ook) andere verlangens in zake zijn concubines? Kan de schildering niet net zo goed getuigen van, bijvoorbeeld, de liefde of bewondering van Huizong voor zijn concubines (of eentje?), gezien de schitterende details die hij in de jurken en kapsels aanbracht?

Alleen zijn

Waarbij ik me meteen afvraag hoe zeker de geschiedschrijvers eigenlijk weten dat Su hui borduurde uit ontreddering en verlangen naar haar man Dou Tao. Misschien vond ze het (ook wel) heerlijk alleen te zijn, omdat ze dan veel tijd had om lekker te borduren. En stuurde ze de zijde op omdat ze graag wilde dat de mensen in de woestijn haar werk ook zagen.

Wat is het (echte) verhaal achter deze anno 2020  in Nederland gemaakte omkeerbare tas van drie restlappen? Bijvoorbeeld dat de maker (ik dus) graag een tweeledig duurzame tas wilde: hij is namelijk gemaakt van reststoffen, en als hij vuil wordt kun je hem omdraaien waardoor je hem minder vaak hoeft te wassen (wat ook water en zeep bespaart)

En/of: de maker wilde een tas die bij haar rode bamboe jurk past

En/of: de maker had al een roze/rode portemonnee en telefoonhoes gemaakt, en wilde er een bijpassende tas bij (en had toevallig ook rood/roze stof in voorraad).

En/of: de maker had gewoon veel zin om gewoon iets te naaien, en had toevallig deze drie lappen liggen.

En/of: de maker was een onderzoek naar hergebruik reststoffen gestart en dacht: een goede bestemming is tassen dus laat ik daarmee aan de slag gaan.

En/of: de maker was, na 25 jaar te hebben gewerkt als wetenschapsjournalist op zoek naar nieuw werk, en dacht: misschien kan ik over het maken van tassen gaan schrijven…

En/of: ….

Write a Comment

Your email address will not be published.